Roches du Diable

Weer een blog over de ‘Diable’ oftewel de Duivel? Jawel, met al die legendes in Bretagne kom ik er niet om heen. Deze keer gaan we naar een plek tussen Le Faouët en Quimperlé, een mooi bosrijk gebied in een heuvelachtig landschap. Niet ver van het plaatsje Locunolé komen we op een bijzondere plek. Via een landweggetje volgen we de borden van de ‘Roches du Diable’, we passeren een boerderij en eindigen op een kleine parkeerplaats. We stappen uit, want het is nog een stukje lopen naar de ‘Roches du Diable‘. Maar dan… via een doolhof van paden ontdekken we indrukwekkende granietblokken waartussen de rivier de Ellé rondslingert; dé duivelsrotsen! De stroom kan hier, hoe toepasselijk, ‘des duivels’ zijn. En dat wist men lang geleden ook al. Vele legendes doen de ronde over deze bijzondere plek. Saint Guenolé, een heilige uit het einde van de vijfde eeuw, daar begint de eerste legende mee. De heilige staat bekend als de stichter van de L’abbaye de Landévennec. De abdij ligt in het ‘land van de Satan’, tenminste zo zien de mensen dat in die tijd. Zeer gewaagd dus van Guenolé om zich hier te vestigen. Maar het gaat goed met de heilige en zijn parochianen. Steeds meer mensen komen op zijn preken af. Dat vind Paolic – één van de namen van de Duivel in Bretagne – maar niets. Zieltjes moeten niet gered worden!

Roches du Diable
Roches du Diable

Op een dag loopt Guenolé lang de Ellé. De Duivel ziet hem. Om zich van zijn ‘tegenstander’ oftewel ‘zieltjeswinnaar’ te ontdoen, probeert de ‘Diable’ grote rotsblokken op het hoofd van Guenolé te gooien. Maar de heilige is slim. Hij slaat een kruis en weert zo het gevaar af. De rotsen komen langs de oever van de Ellé terecht, waar ze nu nog steeds liggen. Echter, Guenolé verliest zijn geduld met de ‘Diable’ en gaat hem zoeken. Hij wil de duivel ‘face-to-face’ zien. De Duivel grijpt zich aan de rotsen vast, afdrukken van zijn klauwen achterlatend. Wat kan hij doen tegen de goddelijke macht? De Duivel blijft klauteren, Guenolé volgt hem. De ‘Diable’ verliest de strijd, valt en komt in de rivier terecht. Hij wordt meegesleurd door het water. Nu, vandaag de dag, bevindt zich in de rivier, vlakbij de dorpjes Locunolé, Guilligomarc’h en Querrien, een gat. Een bijzonder gat, want nooit is het iemand gelukt de diepte van het gat te meten… het gat van de ‘Diable’. Dat is één legende. Maar ik wil jullie deze ook niet onthouden. Natuurlijk gaat het weer over Guenolé. De heilige is gefascineerd door de unieke plek – nu de ‘Roches du Diable’ – uitgesleten door de Ellé. Hij besluit er zijn kluizenaarswoning te maken, tussen de stapels rotsen met suggestieve vormen. Sommige rotsen nemen de vorm van een tafel aan, van een kom of van een preekstoel. Probleem is echter, dat deze plek toebehoort aan de Duivel. Een strijd volgt. De heilige wint en de ‘Diable’ is gedwongen zich af te zonderen op de andere oever van de Ellé. Echter, na deze strijd heeft Guenolé een brug nodig om zijn parochianen te bereiken en het evangelie te verkondigen. Om de brug te kunnen bouwen, sluit hij een pact met de Duivel. De eerste ziel die de brug oversteekt, moet terug naar de meester van de Onderwereld. Maar hoe slim is onze heilige? Hij stuurt een eekhoorn naar de reling van de brug! De Duivel is enorm gekwetst en in razernij duikt hij de rivier in. Hierdoor ontstaat hét gat. Ja, het gat van de ‘Diable’. Tsja, en op die plek zijn we dus geweest. Net zoals de Mont Dol – zie mijn eerdere blog – kent de ‘Roches du Diable’ dus ook een gat. Het is opletten met al die duivelsgaten in Bretagne. Mocht je er nog één tegen komen in dit deel van Frankrijk, waarschuw je mij dan even?

FILM OVER BRETAGNE

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *